© Fanny Sabatier
Wandelen en fietsen op Belle‑Île De koningin van de eilanden

Wandelen en fietsen op Belle‑Île

Belle-Île-en-Mer is het grootste eiland van Bretagne. Het ligt voor de kust van Quiberon en heet niet voor niets “mooi eiland”. Belle-Île, omringd door een schitterende zee, biedt een grote verscheidenheid aan landschappen, van kliffen tot heerlijke zandstranden, en daardoor kun je er alle kanten op.

Een eiland met twee gezichten

Altijd al heeft de woeste natuur van Belle-Île kunstenaars geïnspireerd. De schilder Claude Monet vereeuwigde de puntige rotsen van Port Coton, omringd door het woeste water. Actrice Sarah Bernardt woonde in het fort op de Pointe des Poulains, op de winderige punt van het eiland. Net als zij zul je ontdekken dat Belle-Île zijn naam bepaald niet ten onrechte draagt. Er zijn verbazingwekkend veel verschillende landschappen. De kusten die naar het vasteland gekeerd zijn, hebben beschutte kreken en prachtige stranden met fijn zand. De woeste kust die op de Atlantische Oceaan gericht is, laat een totaal ander gezicht zien. De woeste en schuimende zee slaat voortdurend tegen de steile rotsen. Ruik en voel de wind die van de oceaan komt als je voor de Grotte de l’Apothicaire staat! Het binnenland van Belle-Île bestaat uit heide en gaspeldoorn, groene valleien en beschermd duingebied. Ontdek het eiland door gewoon rond te zwerven, door de velden, langs de vrolijke huizen met hun kleurige luiken en langs natuurlijke havens, aangelegd tussen de rotsen. Boven de haven van Le Palais ligt de citadel van Vauban, die herinnert aan het roemrijke militaire verleden van het eiland. Het uitzicht dat je vandaaraf hebt, doet niet onder voor dat vanaf de vuurtoren van Kervilhaouen (ook wel Phare de Goulphar genoemd). En overal is de zee.

Wegen en omwegen

Wie eiland zegt, zegt kust: het kustpad is dan ook de beste manier om een goed beeld te krijgen van de charmes van Belle-Île. Het gemarkeerde kustpad is bedoeld voor wandelaars en loopt rond het eiland (82,5 km). Onderweg stijg en daal je in totaal 2.000 m! Neem de tijd: in een rustig tempo kun je in vier dagen van Le Palais naar Sauzon, vervolgens naar Sauzon, Bangor en Locmaria lopen. De zuidkust van het eiland is woest en steil, met hoge kliffen. Voor geoefende wandelaars geen probleem. De noordkust ligt meer beschut en is dichter bewoond: deze kant is dan ook geschikter voor wandelingen met kinderen. Praktische tip: er loopt een bus langs de belangrijkste plaatsen langs deze route. Wil je met de fiets, trek er dan twee dagen voor uit. De route stijgt soms flink… maar daalt ook weer. Heb je maar een dag de tijd, ga dan meteen door naar de Pointe des Poulains, een stuk natuur met speciale status, een plek waar je je aan het einde van de wereld waant.

Officiële website van Toerisme Bretagne
Onze suggesties