© DERENNES Yannick
Patisserie en andere zoete Bretonse verleidelijkheden Voor wie van zoet houdt

Bretons gebak

Wat is er lekkerder dan een zoet dessert of zomaar iets lekkers op ieder moment van de dag? Koek en gebak uit Bretagne staan bekend vanwege hun meest opvallende ingrediënt: echte boter. Liefhebbers van deze zoete lekkernijen worden ook wel lichouseries genoemd (van lichou, het Bretonse woord voor lekkerbek). De lekkernijen zijn ook bijzonder populair als souvenir.

crtb-ad2193-derennes-yannick.jpg

De kouign-amann

Deze “boterkoek” werd rond 1865 uitgevonden in Douarnenez, en wie van lekker zoet houdt zal deze verleiding niet kunnen weerstaan. De ingrediënten zijn eenvoudig, maar het bereiden van de koek vraagt vaardigheid. Niet voor niets wordt gezegd: iedereen kan de kouign-amann maken, maar niet iedereen maakt een geslaagde kouign-amann. Voor de koek wordt brooddeeg gebruikt waaraan gezouten boerenboter en suiker wordt toegevoegd; vervolgens wordt het deeg een aantal keren gevouwen, ongeveer zoals je met bladerdeeg doet. De kwaliteit van de gezouten boter en de rusttijd van het deeg zijn bepalend voor het slagen van de koek. Tijdens het bakken smelt de boter; daardoor wordt de binnenkant van de koek smeltend zacht, terwijl de buitenkant een gekarameliseerd laagje krijgt. Probeer dat maar eens te weerstaan! In heel Bretagne wordt de koek gemaakt. In Cornouaille zijn de bakkers en bankerbakkers verenigd in de Association du Véritable kouign-amann de Douarnenez, met als doel deze koek, een echt instituut, te promoten.

De far breton

De far breton is een echte klassieker. Het is niet moeilijk om hem te maken: meel, eieren, melk – liefst volle melk, omdat die zorgt voor een smeuïge structuur -, boter en suiker. Dat geheel gaat in de oven, en daaraan dankt de koek ook zijn naam in het Bretons: farz forn, oftewel far uit de oven. Eenvoudig maar lekker! In de meest bekende versie zijn gedroogde pruimen verwerkt: die werden vroeger door zeelieden meegenomen van hun reizen. Ze geven ze een fruitig tintje aan dit traditionele recept. Soms wordt de far op smaak gebracht met een beetje rum of worden er rozijnen toegevoegd. Het is een nogal voedzaam gebak, uitstekend geschikt om hongerige magen te vullen bij het traditionele vieruurtje.

 

De gâteau breton

De gâteau breton komt uit de omgeving van Lorient; het is een voedzaam zandgebak, bereid met gezouten boter en met een korst, versierd met elkaar kruisende strepen die getrokken worden met een vork. Vroeger werd dit gebak beschouwd als eten voor onderweg, omdat het gemakkelijk een aantal weken bewaard kan worden. Zodoende werd het voor zeelui een geliefde lekkernij. De koek heeft een diameter van 12 tot 25 cm en is 3 à 4 cm dik. Om gâteau breton genoemd te mogen worden, moet de koek voor tenminste 20% uit boter bestaan. Soms is het gebak gevuld met een crème van gedroogde pruimen of met karamel met gezouten boter. Er worden heel wat wedstrijden georganiseerd waarin de gâteau breton centraal staat en er is zelfs een confrérie die waakt over het unieke recept van deze koek die symbolisch is voor Bretagne.

De fondant Baulois

Deze chocoladetaart verbergt onder zijn dunne, licht schuimachtige korst een textuur die met zijn vleugje gezouten karamel een niet te evenaren smaak oplevert. Aan het rode zegel zie je dat je te maken hebt met de authentieke fondant. De fondant wordt verpakt in een fraaie blauw-wit gestreepte doos: een knipoog naar de welbekende strandhuisjes van La Baule.

De biscuits bretons

Biscuits bretons eet je bij de koffie of de thee of je geeft ze aan de kinderen als vieruurtje. Er bestaan talloze recepten, met eenvoudige ingrediënten zoals de onmisbare gezouten boter. In zijn meest eenvoudige vorm is de galette bretonne rond, dun, al dan niet met een kartelrand. Deze dankt zijn bekendheid aan de beroemde galettes de Pont-Aven, die in 1890 door Isidore Penven bedacht werden. De punch is een specialiteit uit Midden-Bretagne: deze is dunner en knapperiger dan de galette. En dan is er de palet breton, een stevig koekje met gezouten boter van meer dan 1 cm dik, in 1920 bedacht door Alexis Le Villain, een bakker uit Pont-Aven, die hem de naam Traou Mad gaf (wat letterlijk “goede dingen” betekent). Dit koekje dankt zijn naam en uiterlijk aan een traditioneel spel dat gespeeld wordt met metalen schijven (“palets”) op een houten speelbord. Een andere specialiteit die de moeite waard is, is de cigarette pur beurre de baratte, die met de hand gerold wordt en die in 1950 ontstaan is in koekfabriek La Trinitaine.

De crêpe dentelle

De knapperige, luchtige en goudgele crêpe dentelle wordt 8 keer om een spatel gewikkeld. Het recept ontstond in 1886 toen crêpebakker Marie-Catherine Cornic een crêpe te lang op de bakplaat liet bakken. En met een knipoog naar een traditionele Bretonse dans in 8-en, wordt de crêpe dentelle ook wel gavotte genoemd. Soms worden gavottes op smaak gebracht met chocolade en een hartige variant wordt ook geserveerd bij het aperitief.

 


Zoete Bretonse verleidelijkheden

De caramel au beurre salé

Henri Leroux, een chocolatier uit Quiberon, bedacht het recept van deze lekkernij die al snel een groot succes werd. Karamel met licht gezouten boter waaraan hij stukjes walnoot, hazelnoot en amandel toevoegde: de CBS® was geboren, die korte tijd later, in 1980, bekroond werd met de Franse prijs voor het beste snoepgoed. Het recept kent een groot aantal varianten: als snoepje, als vulling voor crêpes, in ijs, of je eet de karamel simpelweg met een lepeltje.

De niniches

Bretagne heeft zijn eigen lolly’s, die niniches genoemd worden. Confiserie La Maison d’Armorine in Quiberon verkoopt zo’n vijftig bijzondere soorten lolly’s op basis van karamel of met vruchten. Sinds 1974 kun je bij de Confiserie Manuel verleidelijk zachte lolly’s kopen op een houten stokje. Er is keus uit 20 smaken en kleuren.

Ook interessant

Officiële website van Toerisme Bretagne