© Bretagne à vélo | Hellotravelers
Fietsen langs de zeeLangs de kust, van Morlaix naar Saint-Brieuc
Vakantie-idee

Fietsen langs de zee

Een fietsroute met de geur van de zee en met historische stadjes, vissershavens, ongerepte inhammen en hoge kliffen als smaakmakers.

Voor dit idee moet je
6 dagen
Niveau: gemiddeld
202 km

In één oogopslag

Morlaix en Saint-Brieuc, elk aan hun eigen baai, zijn de twee gezellige uiteinden van deze route, die slingerend de kustlijn volgt. Je rijdt door stadjes en over het platteland, en steeds doorkruis je het karakteristieke Bretagne, dat trouw is aan zijn lange geschiedenis, gekleurd door het avontuurlijke van de zee en de rust van het unieke landschap. Onderweg passeer je megalieten, Romeinse ruïnes, rijen roze rotsen en vriendelijke badplaatsen.

Aan de oevers van de baai

Dag 1 – Morlaix > Locquirec (42 km)

Neem rustig de tijd om op je gemak door de Grand’Rue van Morlaix te slenteren, een Ville d’Art et d’Histoire, een stad van (kunst)historisch belang, met een museum, prachtige vakwerkhuizen met overhangende verdiepingen en fraaie huizen uit de 15de eeuw, versierd met heiligenbeelden. Mis vooral het Maison à Pondalez niet, dat een treffend beeld schetst van de Bretonse huizen van vroeger. Morlaix, met zijn talloze smalle straatjes, is ook bekend vanwege het spoorwegviaduct dat een railverbinding tussen Parijs en Brest mogelijk maakte. Kijk maar omhoog! Het 300 m lange kunstwerk telt negen bogen en eronder vind je een keur aan restaurants.

Het is tijd om de fiets te pakken en de kust van de schitterende Baai van Morlaix te volgen, waar de prachtige natuur zich voor je ontvouwt. In Plouezoc’h kun je de cairn van Barnenez bekijken, het grootste megalithische grafmonument van Europa. Volg de kustlijn en fiets in de richting van Locquirec. Neem de tijd om de rotsige uitlopers te bewonderen die steil oprijzen uit de zee, het Château du Taureau, het eiland Louët en de vele kleine eilandjes die deel uitmaken van het vogelreservaat.

  • De vuurtoren van Île Noire, in de Baai van Morlaix, zou de inspiratiebron van Hergé geweest zijn voor zijn Kuifje-album “De Zwarte Rotsen”.
  • Café Caplan & Co, tegelijk slijterij, kruidenier en boekwinkel, is de beste plek om even uit te rusten en anderen te ontmoeten.

Langs de thermen

Dag 2 – Locquirec > Lannion (28 km)

Als de picknick in de fietstas zit, is het tijd om het charmante havenstadje Locquirec achter je te laten, op weg naar de Gallo-Romeinse thermen van Hogolo, blootgelegd in 1892. Aan de kust langs de grote baai van Plestin-les-Grèves vind je talloze mooie plekjes waar je kunt picknicken met uitzicht op de zee.
Daarna verlaat de route de kust en ga je op weg naar de historische stad Lannion. De beroemde Église de Brélévenez, bereikbaar via een granieten trap met 140 treden, torent hoog boven de huizen uit. Het uitzicht over Lannion en omgeving maakt die klim zeker de moeite waard. Als je van geschiedenis en architectuur houdt, mag je het historische centrum met zijn herenhuizen, huizen met erkertorens, fresco’s en retabels niet missen.

  • Bij eb is het enorme strand van Saint-Efflamnemen het rijk van vliegeraars en strandzeilers.
  • In de kapel van het Ursulinenklooster in Lannion is tegenwoordig een galerie gevestigd.

Zo roze als graniet

Dag 3 – Lannion > Ploumanac’h (30 km)

Houd je fietsen én van wetenschap? Dan moet je op weg naar de kust beslist even stoppen vlak bij Pleumeur-Bodou. Midden in de velden zie je een vreemde witte bol, die al van verre het Parc du Radôme verraadt. Daar leven drie verschillende werelden zij aan zij: de Cité des Télécoms, het Planétarium de Bretagne en het Gallische dorp, Le Village gaulois.
Na deze boeiende stop ga je op weg naar de kust, die hier diepe, ongerepte inhammen heeft. Laat de gebaande wegen nu eens voor wat ze zijn en verken de Roze Granietkust, met zijn vreemde en spectaculaire gevormde rotsen. Vervolgens kom je bij Ploumanac’h, dat in 2015 door de Fransen verkozen werd tot hun meest geliefde dorp. Het is een voormalige vissershaven, waar de schitterende roze kleuren versmelten met de kleuren van de oceaan. Volg het Douanierspad, (het Sentier des Douaniers), en je bent gegarandeerd in een andere wereld.

  • De bol van Radôme, 50 m hoog en 200 m in doorsnee, heeft sinds 2000 de status van monument.
  • Het vogelreservaat Sept-Îles ligt tegenover Ploumanac’h en is bereikbaar met een veerboot of een historisch schip.

De Terras Neuvas

Dag 4 – Perros-Guirec > Paimpol (46 km)

Heb je even tijd? Gun jezelf dan een extra dag. Laat de route even voor wat hij is en neem de tijd om de kust te verkennen. De archipel van Port-Blanc, de getijdemolen van Buguélès en het beroemde huis in Plougrescant, ingeklemd tussen de rotsen, zijn hier de bezienswaardigheden die je niet mag missen.
Als je daarna de hoofdroute weer oppakt, kom je in Tréguier. In deze bisschoppelijke zetel, hoofdstad van de streek Trégor, staat een van de mooiste kathedralen van Bretagne. Vervolgens rijd je door het dal van de Trieux en door Lézardrieux, op weg naar Paimpol, in de tijd van de Terras Neuvas (visserij bij Newfoundland) een belangrijke haven voor de kabeljauwvisserij.

  • Ontdek leven en werk van filosoof en schrijver Ernest Renan in zijn geboortehuis in Tréguier.
  • Eens in de twee jaar is Paimpol in augustus het toneel van het Festival du Chant de marin (zeemansliederen).

De stilte van de abdij

Dag 5 – Paimpol > Saint-Quay-Portrieux (32 km)

Trek een ochtend uit om Paimpol met het Musée de la mer en zijn levendige haven op je gemak te kunnen bekijken.
Stap weer op de fiets en volg de route naar de schitterende abdij van Beauport. Neem de tijd om over het terrein te wandelen, om het heidelandschap, de historische boomgaarden, de ommuurde tuin en de kloostergang te ontdekken. Vervolg je weg naar de kliffen van Plouha, met 104 m boven de zeespiegel de hoogste van Bretagne.
Aan het eind van de dag kom je in Saint-Quay-Portrieux, een charmante badplaats waar Josephine Baker graag verbleef. Het plaatsje is overigens ook een belangrijke haven voor de vangst van sint-jakobsschelpen. Smullen dus!

  • In mei is er een festival met wereldmuziek in de abdij van Beauport.
  • Heb je een dagje extra, breng dan een bezoek aan het eiland Bréhat.

De sfeer van een badplaats

Dag 6 – Saint-Quay-Portrieux > Saint-Brieuc (24 km)

Verlaat Saint-Quay-Portrieux en fiets richting Saint-Brieuc. Onderweg passeer je Étables-sur-Mer, waar de villa’s uit de Belle Epoque herinneren aan de beginjaren van het kusttoerisme. Fraaie kliffen met kleine kreken geven het landschap zijn ongerepte karakter.
Na Étables-sur-Mer kom je bij de haven van Binic, vroeger ook een Terras Neuvas-haven, basis van kabeljauwvisserij. Je komt door Pordic en over het Viaduc du Parfond du Goët en daarna heb je een heerlijke afdaling naar de Port du Légué. Nog even trappen., want het station van Saint-Brieuc ligt wat hoger. De TER, de regionale trein, brengt je weer naar je startpunt.

  • Bij laagwater kun je Robinson Crusoë spelen op het Île de la Comtesse bij Saint-Quay-Portrieux.
  • Binic is een gezellig havenstadje en een charmante badplaats, in alle jaargetijden een fijne plek om een wandeling te maken.

Wat het leuk maakt

  • De duizend-en-een gezichten van de kust, met stranden, inhammen en kliffen
  • De authentieke havens met oude maritieme tradities

Download het reisdagboek

Alle informatie van de website én meer in één pdf.

Officiële website van Toerisme Bretagne